Dag 1: De drie-enige God

Wij geloven in één eeuwig bestaande, oneindige God, de Soevereine Schepper en Onderhouder van het heelal; dat Hij alleen God is, heilig in natuur, in eigenschappen en in doel. De God die heilige liefde en licht is, is drie-enig in diepste wezen, geopenbaard als Vader, Zoon, en Heilige Geest.

Handboek Kerk van de Nazarener 2023 p.21

Lezen voor dag 2:

  • Genesis 1
  • Leviticus 19:2
  • Deuteronomium  6:4-5 

Genesis 1

De schepping van hemel en aarde

1In het begin schiep God de hemel en de aarde. 2De aarde was woest en doods, duisternis lag over de oervloed, en over het water zweefde Gods geest. 3God zei: ‘Laat er licht zijn,’ en er was licht. 4God zag dat het licht goed was, en Hij scheidde het licht van de duisternis; 5het licht noemde Hij dag, de duisternis noemde Hij nacht. Het werd avond en het werd morgen. De eerste dag.6God zei: ‘Laat er midden in het water een gewelf komen dat de watermassa’s van elkaar scheidt.’ 7God maakte het gewelf en scheidde het water onder het gewelf van het water erboven. Zo gebeurde het. 8Hij noemde het gewelf hemel. Het werd avond en het werd morgen. De tweede dag. 9God zei: ‘Laat het water onder de hemel naar één plaats stromen, zodat er droog land verschijnt.’ En zo gebeurde het. 10Het droge noemde Hij aarde, het samengestroomde water noemde Hij zee. En God zag dat het goed was. 11God zei: ‘Laat overal op aarde jong groen ontkiemen: zaadvormende planten en alle soorten bomen die vruchten dragen met zaad erin.’ En zo gebeurde het. 12De aarde bracht jong groen voort: alle soorten zaadvormende planten en alle soorten bomen die vruchten droegen met zaad erin. En God zag dat het goed was. 13Het werd avond en het werd morgen. De derde dag. 14God zei: ‘Laten er lichten aan het hemelgewelf komen om de dag te scheiden van de nacht. Ze moeten dienen als tekens die de feesten aangeven en de dagen en de jaren, 15en als lampen aan het hemelgewelf, om licht te geven op de aarde.’ En zo gebeurde het. 16God maakte de twee grote lichten, het grootste om over de dag te heersen, het kleinere om over de nacht te heersen, en ook de sterren. 17Hij plaatste ze aan het hemelgewelf om licht te geven op de aarde, 18om te heersen over de dag en de nacht en om het licht te scheiden van de duisternis. En God zag dat het goed was. 19Het werd avond en het werd morgen. De vierde dag. 20God zei: ‘Laat het water wemelen van levende wezens, en laten er boven de aarde, langs het hemelgewelf, vogels vliegen.’ 21En God schiep de grote zeemonsters en alle soorten levende wezens waarvan het water wemelt en krioelt, en alle soorten vogels, alles wat vleugels heeft. En God zag dat het goed was. 22God zegende ze met de woorden: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk en vul het water van de zee. En ook de vogels moeten talrijk worden, overal op aarde.’ 23Het werd avond en het werd morgen. De vijfde dag. 24God zei: ‘Laat de aarde alle soorten levende wezens voortbrengen: alle soorten vee, kruipende dieren en wilde dieren.’ En zo gebeurde het. 25God maakte alle soorten in het wild levende dieren, alle soorten vee en alle soorten dieren die op de aardbodem rondkruipen. En God zag dat het goed was. 26God zei: ‘Laten Wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op Ons lijken; zij moeten heersen over de vissen van de zee en de vogels van de hemel, over het vee, over de hele aarde en over alles wat daarop rondkruipt.’ 27God schiep de mens als zijn evenbeeld, als evenbeeld van God schiep Hij hem, mannelijk en vrouwelijk schiep Hij de mensen. 28Hij zegende hen en zei tegen hen: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk, bevolk de aarde en breng haar onder je gezag: heers over de vissen van de zee, over de vogels van de hemel en over alle dieren die op de aarde rondkruipen.’ 29Ook zei God: ‘Hierbij geef Ik jullie alle zaaddragende planten en alle vruchtbomen op de aarde; dat zal jullie voedsel zijn. 30Aan de dieren die in het wild leven, aan de vogels van de hemel en aan de levende wezens die op de aarde rondkruipen, geef Ik alle groene planten tot voedsel.’ En zo gebeurde het. 31God zag alles wat Hij had gemaakt: het was zeer goed. Het werd avond en het werd morgen. De zesde dag.

Leviticus 19:2

2‘Zeg tegen de gemeenschap van Israël: “Wees heilig, want Ik, de HEER, jullie God, ben heilig.

Deuteronomium 6

De HEER is de enige

4Luister, Israël: de HEER, onze God, de HEER is de enige! 5Heb de HEER, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw kracht. 

Vergelijkbare berichten

  • Dag 21: Het Heilig Avondmaal

    Wij geloven dat het Heilig Avondmaal, ingesteld door onze Heer en Verlosser Jezus Christus, een sacrament is dat Zijn leven, lijden, offerdood, opstanding en de hoop op zijn wederkomst verkondigt. Het Heilig Avondmaal is een handeling die Gods genade bemiddelt, waarin Christus aanwezig is door de Geest. Allen worden uitgenodigd om deel te nemen door…

  • Dag 27: Verzoening

    6. Wij geloven dat Jezus Christus, door Zijn lijden, door het vergieten van Zijn eigen bloed en door Zijn sterven aan het kruis, volledige verzoening bewerkstelligde voor alle menselijke zonde, en dat deze verzoening de enige grond van redding is, en dat deze voldoende is voor elk lid van Adams geslacht. De verzoening wordt genadiglijk…

  • Dag 4: Jezus Christus

    Wij geloven in Jezus Christus, de Tweede Persoon van de drie-enige Godheid; dat Hij van eeuwigheid één was met de Vader; dat Hij door de Heilige Geest mens is geworden en geboren werd uit de maagd Maria, zodat twee volledige en volmaakte naturen, d.w.z. de goddelijke en de menselijke, aldus verenigd zijn in één Persoon,…

  • Dag 15: De Kerk

    Wij geloven in de kerk, de gemeenschap die Jezus Christus belijdt als Heer, Gods verbondsvolk, nieuw geschapen in Christus, het Lichaam van Christus, door de Heilige Geest bijeengeroepen door het Woord. God roept de kerk om uitdrukking te geven aan haar leven in de eenheid en gemeenschap van de Geest; in de eredienst door de…

  • Dag 28: Voorafgaande Genade

    7. Wij geloven dat de genade van God door Jezus Christus aan alle mensen om niet geschonken is, zodat allen, die dit begeren, in staat gesteld worden om zich van de zonde tot de gerechtigheid te keren, in Jezus Christus te geloven voor vergeving en reiniging van zonde en die goede werken na te volgen,…

  • Dag 31: Bekering

    8. Wij geloven dat de Geest van God aan allen die zich willen bekeren de genadige hulp van een berouwvol hart en hoop op barmhartigheid geeft, opdat zij mogen geloven tot vergeving en geestelijk leven. Bekering, waaronder wij een oprechte en grondige gemoedsverandering met betrekking tot de zonde verstaan, die met zich meebrengt een overtuiging…